Over bewust worden

‘Bewust worden is een feestje”

Ergens in mijn proces veranderde mijn gevoel bij het bewust worden heel langzaam van ‘hard werken’ naar ‘een feestje’. Het leek er ineens te zijn en ik was er blij mee. Duidelijk…

Pas nu, een jaar of 3-4 later begrijp ik wat er veranderd is. Ongemerkt had ik ‘de tools (middelen) in handen gekregen’ waarmee ik mijn leven ten positieve kon veranderen. Zelf. Ik besefte alleen nog niet wat ik in handen had. En ergens ook weer wel…, ergens diep van binnen.

Dat laatste zorgde voor mijn sterke motivatie om verder te gaan. Ik voelde aan alles dat ik op de goede weg zat. De puzzelstukjes leken ook steeds makkelijker op hun plek te vallen.
Ik was al jaren aan het puzzelen en begon het verband te zien tussen mijn leven, de kern en het grote geheel. Alles leek zo eenvoudig, en toch koste het me moeite om het in eenvoud te verwoorden. Mijn verstand (het brein) zat me in de weg….

‘Bewust worden’ is in feite niet meer dan ‘het brein gebruiken’ op een manier die vóór ons werkt in plaats van tegen.

En dat is in theorie een stuk makkelijker als in de praktijk. Want ons brein wordt tijdens het opgroeien zo sterk voorgeprogrammeerd door de samenleving, dat er nog maar weinig ruimte is voor de eigen wijsheid of wil. Ons eigen brein wordt volgepropt met ‘bewezen’ kennis en ervaring van het ‘cumulatieve’ brein: De (levens)lessen die onze (voor)ouders (en meer) hebben geleerd worden aan de kinderen doorgegeven. Die informatie is een beetje (te)veel geworden…

Door omstandigheden, was ik een tijd lang niet in staat om mijn brein op de ‘normale’ manier (die ik gewend was) te gebruiken. Het functioneerde wel, want ik schreef en dacht na over wat er allemaal in mijn leven gebeurde, maar al mijn ‘vaste patronen’ lagen overhoop. Het wekelijkse boodschappenlijstje maken lukte echter me niet meer.

Er was echter iets moois voor in de plaats gekomen. Een innerlijk kracht en wijs-heid die mij precies vertelde wat ik moest doen in deze situatie. Ik voelde dat dit het leven was, zoals het hoorde zijn, en ik liet het ten volle stromen. Alle emoties verwelkomde ik, zonder oordeel, want ze gaven me allen het gevoel dat ik LEEF(de).

Lang niet iedereen uit mijn naaste omgeving kon echter met mijn emoties overweg (mijn nieuwe lief en kinderen gelukkig wel), waardoor veel ‘strijd’ ontstond, in de vorm van discussies en onbegrip. Iets wat ik niet begreep, ik had voorheen zelden ‘strijd’ gehad….

Het intense gevoel van LEVEN vond ik heerlijk, maar het putte me ook uit. Daarnaast gebeurde er zoveel wat nieuw voor mij was dat mijn brein overuren draaide.  Door te schrijven over wat er gebeurde binnenin mij bracht ik daar onbewust vertraging in. Tijdens het schrijven kwamen ook al mijn oude, vaste overtuigingen voorbij, die ik een voor een ‘onder de loep’ legde. Een loep waarmee ik ‘gevoelsmatig’ bepaalde of de overtuiging goed was voor mij persoonlijk. “Wat voegde het toe aan mij als persoon?” Dat was maar weinig, waardoor ik veel van die gedachten ‘los kon laten’ en niet opnieuw opsloeg in mijn brein. Waardoor zij langzaam uit het zicht verdwenen…..

Steeds opnieuw had ik stof tot nadenken. Eerst vooral over mezelf, daarna over de ‘strijd’ die ik had met mensen in mijn omgeving. Ik wilde begrijpen wat er veranderd was. Hierbij kwamen ook de nieuw aangemaakte overtuigingen en gedachten onder de loep te liggen. Blijkbaar was niet alles wat ik dacht en deed, goed voor ‘ons aller welzijn’, althans niet in de extreme versie. Zo begon ik ‘mijn verstand te gebruiken’ (mijn brein) om de emoties enigszins in te dammen, Het had een positief effect en zo kwam puzzel 2 zo goed als af. (Puzzel 1, was inzicht krijgen in mijn eigen systeem van denken en doen.) De stukjes van puzzel 3 werden voor mij neergelegd.

Dat was bijna een jaar geleden, het moment dat COVID-19 zijn intrede deed en de politiek en WHO de ‘strijd’ zijn met het virus aanging. Een strijd die ik opnieuw niet begreep, omdat ik niet kon begrijpen hoe je kon ‘strijden’ tegen iets wat je niet voelt, ruikt, proeft, hoort of ziet.
Ik ontdekte al snel waar de ‘misvatting’ zat. We strijden niet tegen een virus, maar tegen de gevolgen daarvan, tegen ziekte en de dood, iets wat in mijn beleving gewoon bij het leven hoort, en waar nooit een oplossing voor zal komen. Geen leven is voor eeuwig. Toch was alles wat gebeurde, wel ergens goed voor, maar wat? 

Ook hier nam ik de tijd om dit te onderzoeken, vastberaden en vol vertrouwen dat het antwoord ook hier vanzelf zou komen. Want een les had ik inmiddels wel heel goed geleerd:

Zolang ik blijf ‘strijden’ zal er geen vrede, heelheid, of eenheid zijn.

Ik had tijd nodig om de boodschap naar buiten zo ‘zuiver’ mogelijk te formuleren, zonder oordeel over de hele situatie. Net zoals de rest van de wereld de tijd nodig had om tot rust te komen.
Het moment lijkt nu daar, nu de besmettingscijfers langzaam teruglopen en het vaccin in beeld komt. De politiek en de WHO hebben hun best gedaan en doen dat nog steeds. En onbewust hebben ze het beter gedaan dan veel mensen denken.  Het is de manier waarop de boodschap naar buiten gebracht werd, waardoor onbegrip ontstond bij de mensheid.

In de diepere laag ‘strijden’ we niet tegen het virus, maar tegen ‘iets’ in onszelf, omdat we allen, op onze eigen manier, ‘vechten’ tegen ziekte en de dood.  

Wat is dat ‘iets’ dan?

Ons eigen brein, voor een groot deel volgepropt met informatie van het ‘cumulatieve brein’.
Het cumulatieve brein, dat zich sinds het ontstaan van de mensheid al aan het ontwikkelen is om te zorgen dat de ‘chaos’ van LEVEN die op dat moment op aarde was een beetje op orde te brengen. (Dat is wat mijn eigen-wijsheid mij in de beginperiode ‘vertelde’)

  • Het brein dat heel goed is in het verbanden leggen tussen alles wat het (zintuigelijk) waarneemt en het opslaan van al die gegevens.
  • Het brein heeft in eerste instantie ontdekt hoe het de levensenergie van de mens kon sturen, en vervolgens fysiek en mentaal krachtiger kon maken ten opzichte van het andere Leven op aarde.
  • Het brein dat ‘structuur’ aanbracht in de ‘chaos’ op aarde. Waardoor de aarde leefbaar werd voor alles wat er op dat moment was.

Toen was het goed. De ‘Circle of life’ draaide perfect en er was rust. Tijdelijk, want het brein is een orgaan wat altijd in beweging is en door het steeds weer verband leggen en opslaan, blijft ‘stapelen’, ook wel groeien genoemd. Geen slechte eigenschap, mits het daarbij in het oog houdt wat het daarvoor nodig heeft. En dat is:

Ons lichaam.

Het lichaam is heel belangrijk voor het brein. Zonder het lichaam is het brein ‘niets’, heeft het geen bestaansrecht, het kan niets. En toch lijkt het (cumulatieve) brein het belang van het lichaam uit het oog te verliezen. Want het (h)erkent de signalen van het lichaam niet meer.

Het lichaam dat haarfijn aangeeft wanneer we wel of niet op de goede weg zijn.

  • Elke vorm van vermoeidheid, pijn, ziekte, ‘vervorming’ van iets dat universeel te noemen is, geeft aan dat er een grens’ overschreden wordt. Er gebeurt iets wat niet gezond is voor het lichaam.  Het lichaam functioneert niet meer 100% goed en heeft tijd nodig om te ‘herstellen’, van de schrik, of de schade die ontstaan is.

Het lichaam heeft in bepaalde mate de mogelijkheid om zichzelf te helen, mits we er de tijd voor nemen.

De ontwikkeling (het ‘stapelen’) van het cumulatieve brein heeft ervoor gezorgd dat sommige ‘schade’ beter of sneller te herstellen lijkt. Waardoor de tijd, ongemerkt, steeds meer in de verdrukking kwam.
Op den duur begon de individuele mens, als vanzelf, meer te vertrouwen op de informatie die het kreeg van de voorouders (het cumulatieve brein). Logisch, het had ons als mens alleen maar goeds gebracht. Door al die ‘bewezen’ wijsheid, begon de individuele mens, minder zelf na te denken. Waardoor het lichaam weer langzaam verzwakte. (We maakten minder gebruik van eigen-wijsheid, terwijl het eigen brein in feite over de meeste (zintuigelijke) informatie beschikt). De ‘bewezen’ wijsheid, kan daar echter wel een waardevolle toevoeging in zijn.

Het lichaam is net als het brein een krachtig ‘instrument’. Het lichaam ‘spreekt’ al zolang het bestaat, maar heeft zich langzamerhand laten ‘overmeesteren’ door de kracht van het brein. Waardoor de mensheid in eerste instantie krachtiger werd, maar inmiddels al jaren aan het verzwakken is.

Met de komst van het brein ontstond ook ‘het oordeel’. Goed of fout, sterk of zwak, positief en negatief. Al jaren roepen we dat we ‘geen oordeel’ mogen hebben. Onzin, want het ‘is’ er. Het is alleen ‘slecht’ als je daarbij de ‘goed(e)’ kant uit het oog verliest. En door het brein te laten ‘regeren’, verliezen we het ‘lichaam’ uit het oog. En raken we steeds vaker uit balans.

Belangrijk dus dat we de kracht en wijsheid van zowel het lichaam als het brein gebruiken, want samen zijn zij oppermachtig, kunnen zij ‘de wereld aan’ in de letterlijke zin van het woord.

Lichaam en brein kunnen er zelfs samen voor zorgen dat de mens zichzelf en de aarde weer gezond kan maken, mits we beiden in de juiste verhouding inzetten.

Daarbij is het van essentieel belang om de ‘taal’ van het lichaam te (h)erkennen en ernaar te luisteren en daarnaast ook alle emoties weer te verwelkomen. Want ook daar zit een boodschap in.

Onze emoties

Onze emoties, geven haarfijn aan dat er een verandering op komst is of plaatsvind. Het is daarbij niet altijd duidelijk of die verandering ‘goed’ of ‘slecht’ uitpakt.

  • Bij verwarring staan we voor een keuze. Stellen we onbewust de vraag: “Wat is Waarheid?”
    • Luisteren we naar de eigen-wijsheid (‘waarheid’) of die van een ander.
  • Blijheid, frustratie of boosheid geven aan of we ons op de ‘goede’ weg bevinden of niet, (waarbij ‘goed’ gemeten wordt langs de lat van jouw aangeleerde ‘waarheid’)
    • We ervaren blijheid/ passie als het resultaat ‘goed’ lijkt te zijn (op dat moment).
    • De emoties frustratie/boosheid, geven in feite ‘verwarring’ aan. De situatie is anders dan je ‘verwacht’ (jouw beeld van ‘de waarheid’) of de andere persoon, ‘kijkt’ anders naar de situatie als jij. Het gevolg (onbegrip en/of afstand) zorgen ervoor dat deze emotie een negatief oordeel gekregen heeft. Maar als je de situatie die ontstaan is verder onderzoekt valt er ook altijd iets positiefs te vinden en is het oordeel weg.
  • Extreme passie, angst of verdriet geven aan dat we uit ‘de realiteit’ zijn. Het brein overziet de situatie niet meer helder en is (deels) uit verbinding met het lichaam.

Zowel het lichaam als het brein zijn krachtige instrumenten, die als ze samenwerken, waarbij ze dus beiden oog voor elkaars kwaliteiten hebben, superpower hebben. Ooit was de aarde, met alle leven erop perfect in balans. Ergens lang geleden toen de ‘Circle of life’ perfect draaide en er rust was.

Het (cumulatieve) brein heeft dankzij zijn kwaliteit om te ‘stapelen’, te groeien (door steeds opnieuw verband te leggen en op te slaan), ongemerkt steeds meer ruimte ingenomen. Dit alles nog heel lang met het oog op ‘het welzijn’ van de mens. Langzaam vertroebelde de betekenis van ‘welzijn’. De ‘gezondheid’ van het lichaam werd vervangen door ‘gemak en comfort’. Ook fijn, maar de mens verzwakt hierdoor. Iedereen ervaart dat gedurende zijn leven.

Het cumulatieve brein wordt weerspiegeld in de maatschappij van nu, waar de politiek en de WHO aan het roer staan. De maatschappij is de vergrotende spiegel van de individuele mens. Beiden voeren dezelfde ‘strijd’, waarbij het lichaam en het brein niet (meer) goed samen (kunnen) werken. We zien het terug in:

  • De kinderen, waarbij het lichaam steeds meer ‘spreekt’. In ‘verzet’ gaat, tegen de opgelegde regels. Zij laten, totaal onbewust, gedrag zien wat niet past bij de verwachtingen die de maatschappij van hen heeft.
  • Bij de mensen die op steeds jongere leeftijd in een burn-out terecht komen. Het brein moet meer verwerken, dan het aankan, raakt inde war (boos en gefrustreerd), laat het lichaam harder werken, met alle gevolgen van dien.

In alle gevallen levert het (psychische) ‘schade’ op, als hier niet de juiste hoeveelheid tijd krijgt en/of de aandacht neemt of krijgt, om te ‘herstellen’. Wanneer is het genoeg?

We hebben alle in huis om er weer voor te zorgen dat we ons verstand gaan gebruiken voor dat wat er echt toe doet (de gezondheid van ons lichaam en de wereld om ons heen).

En ik hoop dat ik met het schrijven van dit stuk, voldoende bewust-zijn heb gecreëerd om ermee aan de slag te gaan.

  • Van de middelen die we tot onze beschikking hebben om het tij te keren.
  • Van al het moois wat er is, het positieve, de liefde, de samenwerking met elkaar.
  • Maar ook van de valkuilen, het negatieve, de pijn, en het alles alleen willen of moeten doen.

Leven doen we met vallen en opstaan. Anders ‘doen we maar wat’ en komen we nooit nergens. Het positieve houdt ons in beweging. In de valkuilen (het ‘negatieve’), bevinden zich, ten alle tijden, ‘levenslessen’ die nodig zijn om ook het positieve weer te zien. Zie je deze, dan kun je ook het negatieve waarderen. Beiden zijn nodig om in balans te komen en te blijven.

Zullen we daar samen voor gaan? ♥